Het blijft een moeilijk geval, de zogenaamde tussen-n in de Nederlandse taal.
Daarom geven we nog even de vuistregel mee:
“Schrijf -en- als het eerste deel een meervoud op -en heeft en niet -es. In alle andere gevallen schrijf je best -e-.
Voorbeelden?
Hartendief, jassendrager, stenendrager, maar anderzijds spreken we wel over liefdesleed.
Maar let op: er blijven uitzonderingen genoeg, niet in het minst bij ‘versteende samenstellingen’, zoals bakkebaard, kinnebak, elleboog, kattebelletje, …
Succes !
02-03-2007 om 12:43

