Laten we maar gewoon met de deur in huis vallen. Dertien jaar en twee crisissen later heb ik met pijn in het hart besloten om de handdoek in de ring te gooien. De reclamewereld is een strijdtoneel geworden waarin NOCUS het onderspit moet delven. Te klein om groot te zijn en te groot om klein te zijn. Om het gevecht van de dag te overleven ben je verplicht om competitie na competitie deel te nemen. En liefst dan ook te winnen. Want in de liga waar bureaus als het onze spelen, bestaan er geen contracten, geen fees. Enkel vertrouwen. Hoop op vertrouwen omwille van de goede resultaten. Gelukkig hadden we veel klanten die in ons geloofden, maar die werden hoe langer hoe meer de dupe van onze strijd om meer of grotere opdrachten. Ondertussen liepen de omzetten sterk achteruit. Als een bureau meer account en sales managers nodig heeft dan creatieven is het gezond evenwicht weg.

Tien jaar lang kon NOCUS groeien dankzij uitstekend werk, goede resultaten en trouwe, grote internationale klanten zoals GlaxoSmithKline, Henkel, Bayer, InterContinental Hotels Group. Hoogtepunt lag in 2007 toen we in de top 10 van de onafhankelijke bureaus terechtkwamen. De toekomst was rooskleurig en het team breidde steeds uit. Wat zou er immers mis kunnen gaan ? De plotse crisis had dat anders gezien en wij waren daar niet op georganiseerd. Ook de evolutie om media, drukwerk en zelf grafisch werk uit het bureau te isoleren doet het traditionele businessmodel van een bureau zoals NOCUS wankelen. Te snel om de bocht zonder kleerscheuren uit te komen. Ondanks mogelijkheid om vers kapitaal in te pompen is het vertrouwen weg. Niet van de kracht van NOCUS, integendeel, maar het vooruitzicht van een turbulent strijdperk geeft te weinig garantie op een betere toekomst.

Deze beslissing valt me zwaar, heel zwaar. Ook al heb ik hier gefaald als ondernemer, ik blijf fier op wat NOCUS heeft kunnen betekenen. Maar toch: ik laat toffe klanten, maar vooral een team achter van fijne mensen. Talentvolle mensen die grootse daden voor NOCUS hebben verricht. Ik hoop van harte dat zij snel elders terecht kunnen. Eigenlijk weet ik het wel zeker, want voor talent is er altijd plaats. Om hun toekomstige werkgevers het wat makkelijker te maken kan je op via deze LinkedIn pagina nader kennis te maken met hun verdiensten. Zelf ben ik er nog niet uit, misschien blijf ik wel in het reclamewereldje, misschien niet. Alleszins zal mijn aandacht op korte termijn meer uitgaan naar mijn andere activiteiten bij KAAI.16, CreativeClass en Yento!

“All the world’s a stage and men are merely players”. Met deze woorden van Shakespeare neemt NOCUS en ‘yours truly’ afscheid. Bedankt aan iedereen die deel uitmaakte van mijn droom. Klanten, partners en collega’s. Het was mooi zolang het mooi was.

Yours truly,
Nick Decrock.


10-10-2011 om 17:10

Een copywriter, account manager of webdesigner ‘kopen’ via Facebook? Sinds vandaag kan het. NOCUS wil met deze allereerste Facebook Shop aantonen dat een communicatiebureau zichzelf voortdurend in vraag moet stellen. En als het nodig is: zichzelf opnieuw uitvinden.

Vergis u niet: de NOCUS Facebook Shop wérkt wel degelijk, van winkelwagentje tot check-out. Klanten kunnen dus effectief de NOCUS medewerkers ‘kopen’ ter uitvoering van een project voor een bepaalde periode. Toch is het meer een voorbeeld. We willen aangeven dat ook een communicatiebureau zichzelf voortdurend moet heruitvinden en vernieuwen. Als markten veranderen, moeten de spelers mee veranderen.

Wereldprimeur ?

Met deze wereldprimeur speelt NOCUS in op de trend en onbeperkte mogelijkheden van sociale media. Facebook staat op het punt om Google voorbij te steken als populairste ‘homepage’. Homepage shopping is maar een stapje verder. Elk merk kan ROI uit sociale media halen als het ook de verkoop van zijn producten of diensten in dit netwerk kan integreren. Zeker als het er al een e-commerce site op na houdt.

Promocode via Twitter & Facebook

Via Twitter en Facebook zal er gedurende 10 dagen dagelijks een promocode worden verspreid die recht geeft op 1 GRATIS projectuur.


27-04-2011 om 17:35

Of beter gezegd: NOCUS moet zichzelf terug uitvinden. En misschien hierbij zelfs het agentschapsmodel in het algemeen. Waarom ? Omdat de reclamemarkt permanent veranderd blijkt sinds de crisis. De conjunctuur mag zich dan wel gestabiliseerd hebben, het resultaat blijft dat marges kleiner dan ooit zijn geworden. Dit blijkt ook uit onderzoek door het ACC. Adverteerders eisen meer dan ooit dat hun bureau hen een volledig geïntegreerde aanpak kan bieden. Terecht, maar helaas voor hetzelfde budget. Ondermeer door complexiteit van online communicatie, social en mobile media is dat gewoon niet meer haalbaar. Zeker niet voor een ‘kleiner’ bureau met 14 medewerkers.

Korte termijn denken
De Grote Bureaus hebben de stap naar integratie (offline/online) eindelijk klaargespeeld. Een troef die wij de afgelopen jaren voor ons konden houden. Een troef die we nu kwijt zijn gespeeld en daardoor in competitie vaker het onderspit moeten delven tegen de grote bureaus. Want dat is er van de reclamesector geworden: een pitching arena. Daar waar vroeger de bureaus het vertrouwen kregen om zichzelf te bewijzen. Het probleem ligt bij het feit dat adverteerders zelf minder lang op dezelfde post blijven zitten. Op hetzelfde merk. Relaties uitbouwen wordt steeds moeilijker. Merken bouwen evenzeer. Langs de andere kant zijn er meer productinnovaties dan ooit. Wat de druk nog meer legt op het lanceren van nieuwe producten of het aanboren van nieuwe markten. Allemaal belangrijke trends die zullen bepalen waar NOCUS zich op moet toeleggen wil het zijn plaats houden in de markt.

In de toekomst zie ik de kloof tussen grote netwerkbureaus die merken bouwen en kleine specialistische bureaus die losse opdrachten uitvoeren steeds groter worden. Ondertussen is onze eigen structuur te groot en te kostelijk geworden om daar tussen te blijven zweven. Jarenlang waren we succesvol als tweede bureau voor een adverteerder. “We’re second so we try harder“, zoals Avis het al in 1962 poneerde. Zelf hebben we altijd gezegd dat we de klanten van onze klanten volgen. Om ze zo het meest doeltreffend te kunnen benaderen. De integratie offline/online hadden we jaren geleden al klaar. Lang voor de netwerkbureaus hierin geslaagd waren. Maar zoals gezegd: deze troef zijn we kwijt. En de gevolgen van de crisis zijn ingrijpender dan louter economisch.

Nieuwe positionering
Hoog tijd om ons bureau opnieuw te positioneren. Tijd om aan te knopen met de successen uit het verleden. Tijd voor een nieuwe focus voor NOCUS. Het codewoord hierbij is “nieuw”. Als blijkt dat veel marketeers een focus moeten leggen op het introduceren van nieuwe producten, nieuwe markten betreden of nieuwe media/technologieën willen implementeren … wel, dan zijn wij het bureau dat dit met succes zal doen. Eigenlijk zijn dat ook de meest succesvolle campagnes uit ons verleden: lancering Sinfilo (wat later Telenet Hotspot is geworden), introductie Supradino (kinder vitaminemerk voor Supradyn, Bayer), uitwerken getrouwheidsprogramma voor InterContinental Hotels Group (wat nu BusinessClub is geworden), lancering Yento!, …

Het agentschapsmodel heruitvinden
Bijkomend willen we een unieke positie innemen die NOCUS én het agenschapsmodel heruitvindt:  wat het interimkantoor voor de arbeidsmarkt is, moet NOCUS worden voor de adverteerder. Daarvoor gaan we tegen het einde van het jaar een team creëren dat volledig ten dienste staat van een klant, van een project. Letterlijk: alle sleutelfiguren nodig voor het project zullen 100% aan dit project werken gedurende die volledige periode. Dat kan een week zijn, een maand, twee maanden, … Resultaat: meer focus, meer pro-activiteit, meer resultaat. Op een kortere termijn en dus budgetvriendelijker.
Details van aanpak moeten in komende weken en maanden duidelijk worden.

Kleiner team
Een rechtstreeks gevolg is dat we dit met een kleiner team moeten doen. Zoals gezegd is de huidige structuur te zwaar om lean&mean te zijn. Dat betekent dat getrouwen dit huis zullen verlaten. Met pijn in het hart, maar zo krijgt NOCUS de gelegenheid om scherp te blijven in de veranderde omstandigheden. Ik moet hierbij Vera Van Doninck speciaal bedanken die zelf besloten heeft om na zes trouwe jaren het schip te verlaten. Zij verkoos haar General Manager positie op te geven om NOCUS verder ademruimte te geven. “Ondanks het positieve gevoel in de tweede helft van 2010, bleven de projecten achter. Mijns inziens heeft NOCUS nu meer nood aan goede operationele mensen dan aan een General Manager naast Nick Decrock. Ik kies er dan ook voor om ruimte te geven aan deze mensen“, aldus Vera Van Doninck.
Dankzij Vera heeft ons bureau zich de afgelopen jaren verder kunnen professionaliseren. Op vlak van HR, project management en commercieel beleid. We zullen hier zeker de vruchten van plukken en wensen haar hierbij veel succes in de uitbouw van een nieuwe carrière.

Lancering Facebook Shop
NOCUS bestaat 13 jaar en als het aan mij ligt nog vele jaren meer. Ik heb veel vertrouwen in de nieuwe toekomst. Als markten veranderen, moeten de spelers mee veranderen. Zo simpel is het. We mogen niet stilstaan, maar moeten vooruitlopen. Tonen waar de mogelijkheden liggen. Daarom  lanceren we deze week een eigen Facebook Shop. Ter illustratie van onze vernieuwing. Een eerste realisatie op het ‘pad van de verlichting’. In de shop zal je werkelijk onze mensen kunnen ‘kopen’ ter uitvoering van een project, voor de periode die je nodig acht. Ook al werkt de shop van winkelwagentje tot check-out, natuurlijk is het meer een voorbeeld om aan te geven hoezeer ook een bureau zich moet heruitvinden. Van tijd tot tijd.

We houden je op de hoogte.


18-04-2011 om 13:55

De stagiairs bij NOCUS doen heel wat meer dan koffie schenken en de ‘nasty jobs’ opknappen. Zoals daar is: een stukje schrijven op deze blog. Deze week laat stagiaire en marketingstudente Jill Grondelaers haar licht schijnen over het communicatielandschap.

Maandag was ik aanwezig op de exclusieve ‘Ladies Night’ in Euroscoop Genk, een maandelijkse gewoonte. Zeer welkom als je even genoeg hebt van de mannen ;-). Ingrediënten? Een echte vrouwenfilm, vriendinnen, leuke prijzen en een lekker glaasje wijn. Voor mannen probeerden ze dit ook — zonder resultaat. Waaruit je als marketeer leert dat je doelgroepkeuze wel erg belangrijk is.

Zowel voor de consument als voor de bedrijven is dit een leuk evenement. De consument geniet van een avondje uit met vriendinnen. De bedrijven geven er prijzen weg en organiseren ter plekke workshops, zoals bijv. een make-up workshop. Op die manier verwerven ze niet alleen veel naambekendheid. Ze trekken ook nog eens nieuwe klanten aan. Zo won een vriendin een etentje in een restaurant, waar ze nu vaste klant is. Aanwezige bedrijven zijn o.a. di Nitto Group, ICI PARIS XL en Côte d’Or.

De vrouw die naar deze Ladiesnight gaat, kan zich heerlijk ontspannen en maakt graag tijd om de standjes van bedrijven te bekijken. Conclusie: als merk is het essentieel om op het juiste moment op de juiste plaats te zijn.


08-04-2011 om 14:30

De Nederlandse luchtvaartmaatschappij KLM heeft deze week de website Travlr gelanceerd. Op deze site kan je je ideale vakantiebestemming vinden dankzij Twitter Youtube, Foursquare of Google Maps.

Travlr

Het enige wat je moet doen is op Travlr je verschillende interesses en voorkeuren ingeven. De website houdt ook rekening met het reisbudget dat je op voorhand kan bepalen. Travlr zoekt dan informatie op de verschillende sociale netwerksites waarna je suggesties krijgt voor jouw ideale reisbestemming.

Travlr zorgt ervoor dat je jouw droomlocatie kan volgen op Twitter, Youtube en Flickr. Je kan ook je bestemming verkennen in Google Maps. Bij elke suggestie krijgt de reiziger ook te zien wat de dichtstbijzijnde luchthaven is en hoeveel de vlucht kost. KLM wil de site nog uitbreiden met feedback van reizigers en een applicatie voorzien voor smartphones en tablets.

 


05-04-2011 om 11:00

Tegenwoordig zie je op internet heel vaak de termen ‘cloud computing’, ‘cloud storage’ en ‘the data is in the cloud’ voorbij komen. In deze blogpost licht ik deze termen wat meer toe en verduidelijk ik ze met voorbeelden.

Definitie
Laten we eerst beginnen met een — momenteel aanvaarde — definitie van Cloud Computing volgens Gartner:

“Cloud Computing (Storage) is a style of computing (storage) where scalable and elastic IT-enabled capabilities are delivered as a service to external customers using Internet technologies”. (bron)

In deze definitie komen 3 belangrijke termen voor die we hierna kort toelichten:

  • scalable
  • service
  • Internet technologies

Scalable
Het belangrijkste aan Cloud Computing en Storage is het vermogen om meer resources beschikbaar te maken als de vraag groter wordt.

Als voorbeeld nemen we een simpele webserver. In een traditionele setup komt een webserver overeen met een fysieke computer waarop een server besturingssysteem draait. Deze heeft een vaste configuratie op gebied van CPU kracht en beschikbaar geheugen, onafhankelijk van de taak die hij momenteel vervult.

In een cloud setup gaan we deze fysieke server omzetten naar een virtuele server die draait op een krachtig virtualisatieplatform zoals bv. VMWare of Xen. Waar in een traditionele setup elke server z’n eigen harde schijf en geheugen en CPU heeft, is er in virtualisatie 1 grote resourcespool die verdeeld wordt over de virtuele servers. Eventueel dynamisch aanpasbaar naar gelang de vraag van de virtuele server zelf.

Dit virtualisatieplatform opzetten is een grote kost. Hoe meer redundantie je in wilt bouwen, hoe duurder het wordt. Maar je krijgt er wel een hele hoop flexibiliteit voor terug.

Service & Internet technologies
Traditioneel draaiden computerprogramma’s op de computer van de gebruiker zelf. Neem als voorbeeld een simpele teksverwerker als Word of Pages.

In een service-oriented aanpak draait het programma op een centrale server als een website (=Service), waar de gebruiker via het internet op kan inloggen (=Internet Technologies). Neem als voorbeeld Google Docs, Googles online tekstverwerker.

Het grote voordeel? Als eindgebruiker moet je niet meer omkijken naar installatie en onderhoud van het systeem. Ook maakt het niet uit vanwaar je connecteert op het systeem, zolang je maar een internetverbinding en een webbrowser hebt kun je met de service werken. Al je data staan online gecentraliseerd en niet langer lokaal.

Praktijkvoorbeelden
Als iemand nu zegt “the data is in the cloud” bedoelt hij of zij dat z’n data beschikbaar is via een webservice. Die dan weer gehost wordt op een virtuele server als onderdeel van een virtualisatieplatform. Er is geen vaste lokatie meer voor bestanden, je weet niet op welke harde schijf in het platform data bestaan. Maar je weet dus wel dat je er altijd via je webservice aan kan.

Banken
Eigenlijk zijn de huidige banken een perfect voorbeeld van een Cloud Service: je geld staat op je rekening en je kan er via elk bankkantoor of geldautomaat aan. Waar het geld precies staat, is voor jou niet belangrijk. Zolang je er maar overal toegang tot hebt.

Flickr
Zelfde principe voor Flickr: je uploadt en beheert je fotos op Flickr via hun website (service). Maar op welke server nu precies je fotos staan, maakt jou niet uit.

Amazon S3
Amazon gaat nog een stap verder met hun S3 service. Je kunt een volledige virtuele schijf van enkele gigabyte huren, waar je dan via hun webservice via een filebrowser aan kunt. Je kunt zelfs je storage mouten op je eigen pc, net als een netwerk share. Ideaal voor mensen die op meerdere plekken aan hun data moeten kunnen.

Twitpic
Dat de Amazon S3 service verder gaat dan alleen eindgebruikers, kun je zien bij Twitpic.com: ze bieden een foto upload service aan, maar hebben zelf geen data storage. Daar gebruiken ze Amazon S3 voor. Een mooi voorbeeld van hoe 2 webservices elkaar gebruiken om tot een uiteindelijk product te komen.


31-03-2011 om 12:29

Houdt de tv ons dom? Niet noodzakelijk. Zo schonk het fijne één-programma Man Bijt Hond gisterenavond nog klare taal. In de eindrubriek wisten ze te vertellen dat de term ‘OK’ of ‘oké’ staat voor het Engelse oll korrekt (all correct - alles in orde). Leuke quizvraag, zouden we denken.

Of toch niet. Verder onderzoek onthult -tig andere verklaringen voor oké. Zo stamt de uitdrukking mogelijk af van het Griekse Ola Kala, als een markering op kratten en tonnen scheepslading die in orde waren.

Au quai!

En hupla, daar springen ook de chauvinistische Fransen op de kar. Volgens hen is OK Frans voor au quai, waarmee kapiteins aangaven dat hun schip ‘aan de kade’ lag en dus in orde was.

Last but not least: O.K. zou tijdens de oorlog in verslagen worden gebruikt: ‘O’ stond voor zero, ‘K’ voor killed. Niemand dood, dus. Wie heeft er nu gelijk? Wat ons betreft: iedereen een beetje. Oké?


24-03-2011 om 16:10

Tijdens mijn stage bij NOCUS is mij opgevallen dat in 2011 alles sociaal moet zijn. Websites overladen met lezerreacties en user generated content zijn niet langer aan de orde. Op het web krijgt alles een sociaal tintje, maar is dit altijd zo positief? Dit zijn alvast enkele bedenkingen waaraan ik tijdens mijn stage extra aandacht wil besteden.

Nieuws vs. social nieuws

Nieuws is interessant zolang het social news is. Sociaal nieuws is het nieuws dat vrienden op Facebook leuk vinden en delen met jou. Zo wordt de kans dat jij het nieuws ook leuk vindt bijzonder groot. En dus ook gaat delen met jouw vrienden. Minpuntje: helaas is de kans reëel dat hierdoor ander belangrijk nieuws aan jou voorbij gaat.

Graph vs social graph

We spreken niet langer alleen onze vriendengroep aan, maar wel onze relaties op de sociale media of social graph.

Shopping vs social shopping

We doen een beroep op onze social graph om te genieten van voordelen bij het shoppen. Hoe meer ‘like’ of Facebook, hoe meer korting. Resultaat? We gaan onze vrienden bijna pushen om zelf te genieten van een voordeel. Is dit wel sociaal? Niet echt: je vrienden overladen met ongewenste mails om zelf iets te krijgen, maakt je zelfs onsympathiek.

Blipply en twitter

De voorstanders van ‘social’ moedigen ons aan om elk aspect van ons leven te delen met onze vrienden. Bijvoorbeeld Blippy een site die elke aankoop met je kredietkaart publiceert. Of een nieuwe trend op twitter: de weegschaal die automatisch je gewicht post.

Er is dus een stijgende druk om alles publiek te maken, maar gaat dit niet een beetje ver? Niet elk detail van je privéleven moet gedeeld worden en de wereld rondgaan. Voorlopige conclusie? Sociale media zijn een toegevoegde waarde voor onze maatschappij, maar niet allés moet per se sociaal zijn. Wordt ongetwijfeld vervolgd tijdens mijn stage.


18-03-2011 om 16:41

Goede webcopy kom je overal tegen, fantastische webcopy zit in de details. Maar hoe vaak worden net die details over het hoofd gezien? Foutmeldingen, metatags, automatische e-mails na het invullen van een formulier, … kortom: de vergeten copy van het internet.

Toch maken ook deze teksten een deel uit van je website en het beeld dat die website over jou of je merk uitstraalt. En je mag er zeker van zijn dat je bezoekers er vroeg of laat te maken mee gaan krijgen. Zorg dus dat ook deze teksten door de copywriter onder handen genomen worden en passen in het geheel. En vergeet ze ook niet bij de vertaling.

Metadata

De metatags van een website zijn de echt verborgen copy. Je ziet deze immers nergens op je pagina verschijnen. Maar ze zijn wel degelijk van belang.

Zo verschijnt de ‘title’-tag bovenin je browservenster en tonen zoekmachines de ‘title’- en ‘description’-tag van je pagina. Vul je deze niet in? Dan scant de zoekmachine de pagina en vertoont een stukje tekst dat het daar tegenkomt. Misschien is dat wel precies wat de lezer zoekt, maar misschien ook helemaal niet. Laat dit dus niet aan het toeval over.

Dezelfde tags worden trouwens gebruikt wanneer iemand een link deelt op Facebook. Is er niets ingevuld? Dan blijven de veldjes gewoon leeg. De persoon die de link deelt, kan dit zelf wel aanpassen, maar denk je dat hij zoveel moeite zal doen?

Ook ‘alt’-tags bij afbeeldingen blijven voor veel mensen verborgen. Je ziet ze enkel als je met je muis erover zweeft. Maar sommige mensen hebben beelden uitgeschakeld. En voor blinden is het de enige manier om te weten te komen wat er staat. Let op, niet elk beeld moet een beschrijving in de ‘alt’-tag krijgen. Eye candy, stockfoto’s en beelden waarbij een duidelijke tekstbeschrijving staat, geef je beter een lege ‘alt’-tag. Maar als je informatie weergeeft met het beeld, bijvoorbeeld grafieken of pictogrammen, kan je dit ook meegeven in de alt-tag.

URL’s

Over de domeinnaam heb je waarschijnlijk diep en lang nagedacht, maar ook de rest van de url is belangrijk. Een goede url maakt de bezoeker duidelijk waar hij zich bevindt en is gemakkelijk deelbaar. Ook zoekmachines houden van duidelijke url’s.

Een voorbeeldje:

www.mijndomein.be/51468531/pagina7.html

vs

www.mijndomein.be/diensten/copywriting.html

Foutmeldingen

Leuke 404 errors vind je tegenwoordig wel vaker terug, maar foutmeldingen komen ook elders voor. Denk maar aan mensen die verplichte gegevens vergeten in een formulier, of die een fout wachtwoord intypen bij het aanmelden.

Een goede foutmelding geeft aan wat het probleem is en hoe de gebruiker het kan oplossen. Vergelijk “uw BTW-nummer is fout” met “Het BTW-nummer moet de volgende structuur hebben BE 0xxx.xxx.xxx”.

Formulieren

Ook formulieren verdienen aandacht. Denk goed na over de beschrijving van de velden, maar ook over wat er standaard in deze velden weergegeven wordt. In een zoekknop kan je bijvoorbeeld de tekst “doorzoek mijndomein.be” weergeven. Als de lezer erop klikt, verdwijnt deze tekst automatisch. Denk ook aan de opties in een selectiemenu. Welke tekst geeft elk veld standaard weer? Bij een leeg vak is het misschien niet duidelijk dat de lezer iets moet selecteren.

Testen in plaats van lezen

Er zijn waarschijnlijk nog veel andere details die je over het hoofd ziet. Breadcrumbs bijvoorbeeld (links bovenin de pagina die aangeven waar je bent), ‘XX zoekresultaten’, de boodschap die je bezoeker te zien krijgt na het invullen van je contactpagina, enz. Duizenden details, die allemaal bijdragen tot het grote beeld .

Lees dus niet gewoon je website na, maar test hem volledig. Krijg je een bericht als je een tafeltje probeer te reserveren? Hoe moeilijk is het om een product te kopen op je website? Wat gebeurt er als ik mijn wachtwoord vergeten ben? Probeer alles uit. En ga daarbij uit van het worst case scenario. Jij weet misschien precies hoe alles werkt, maar daarom je bezoeker nog niet. En elk stukje tekst dat je vergeten bent, stuur je opnieuw naar de copywriter en vertaler.

Verdere lectuur

Five kinds of ‘alt’ text
49 nice and creative error 404 pages
10 tips on writing hero worthy error messages


18-03-2011 om 10:58

Social media zijn momenteel als een voetbalwedstrijd voor 7-jarigen: iedereen krijgt een schouderklopje na de wedstrijd. Niet omdat ze goed gespeeld of gescoord hebben. Maar omdat ze meegedaan hebben. Social media zitten nog altijd in die prille fase waar het belangrijker is dat je meespeelt, dan dat je beslissend bent.

Social media strategie

Maar het tij keert langzaam. Bedrijven beginnen te begrijpen dat ze een social media strategie moeten uitwerken, de langverwachte eerste commerciële stappen worden gezet. Zo test Warner Bros. het verhuren van films via facebook. Heinz Ketchup UK verkoopt een limited edition.

De marketeers wrijven zich in de handen en tellen hun geld al. Eindelijk verkopen via social media! Investeringen in sociale media zullen renderen en verantwoord zijn. Promoties worden bedacht, kortingen aangeboden, enz.

Maar gaat het daarover?

Uiteindelijk zal elk bedrijf aan social media doen. Of ze het nu willen of niet. Hun klanten zullen het eisen. Maar hoe kan je er bovenuit steken als iedereen actief is in social media? Als de consument overstelpt wordt door uitnodigingen om fan te worden, te ‘liken’ en te sharen. Wat is dan nog de meerwaarde?

Frustratie

De beste, en meest effectieve, social media strategieën zijn niet gebaseerd op promoties of het verspreiden van boodschappen. Ze gaan over het wegnemen van frustratie, van irritatie en frictie bij consumenten. Het gaat om helpen, niet om verkopen. Althans: niet in eerste instantie.

Zo heeft Nationwide Insurance een iphone app uitgebracht die je de mogelijkheid geeft om in real time het aanrijdingsformulier in te vullen en foto’s mee te sturen. Geek squad verdient geld met technische configuraties en herstellingen via de BestBuy winkels. Dat belet hen niet om een youtube kanaal te hebben waar ze uitleggen hoe je zelf problemen kunt oplossen.

In beide gevallen proberen ze hun diensten niet te verkopen. Ze proberen te helpen. En zo sympathie voor het merk te creëren zodat de consument in een volgende situatie voor hen kiest.

Social media is geen head on marketing. Het is niet het verkondigen van productvoordelen en features. Die vinden ze wel terug op de website. De echte kracht is dat het een langetermijn, loyalty en brand advocacy medium is.


10-03-2011 om 17:43